De Bilt, Dorpsstraat en omgeving

C.N. Kruidhof

In opdracht van de gemeente De Bilt heeft RAAP op 15 augustus 2002 een inventariserend archeologisch onderzoek uitgevoerd in verband met de ontwikkeling van het bestemmingsplan voor het gebied Dorpsstraat en omgeving in de gemeente De Bilt. Het plangebied ligt in de hoek Dorpsstraat-Soestdijkseweg en omvat de percelen met de kadastrale nummers 4983, 4984 en 4988. Ten tijde van het onderzoek was het plangebied in gebruik als tuin en lag deels braak. Uit het bureauonderzoek blijkt dat het plangebied ligt in de historische stads- of dorpskern van De Bilt. Dit betekent dat in de ondergrond archeologische resten uit de ontstaansperiode van het dorp kunnen worden aangetroffen. Tegenover het plangebied, aan de andere kant van de Dorpsstraat, ligt een laatmiddeleeuwse vindplaats. Hier zijn tijdens een noodopgraving vele aardewerkscherven en archeologische grondsporen aangetroffen (zoals greppels, paalkuilen, een water­put en kelders). Op de kadastrale minuut van 1832 is de huidige bebouwing aan de Dorpsstraat al aanwezig. Achter het huidige pand Dorpsstraat 21 lagen enkele arbeidershuisjes, die bekend stonden als 'het steegje van Van Santen'. Het is niet duidelijk wanneer deze huisjes zijn gebouwd. In 1955 zijn ze onbewoonbaar ver­klaard en in 1983 zijn ze gesloopt. Het terrein van het huidige pand Dorpsstraat 27 en de achterliggende tuin waren in 1832 in gebruik als boerenhofstede. Al vanaf de 17de eeuw stond op deze percelen een hofstede en het is mogelijk dat er een laatmiddeleeuwse voorganger is geweest.

Uit de geomorfologische kaart valt af te leiden dat het plangebied waarschijnlijk ligt in een vlakte van ten dele verspoelde dekzanden. Op basis van het bureauon­derzoek gold een lage archeologische verwachting voor vindplaatsen uit de Steentijd tot en met de Romeinse tijd. Gezien de ligging binnen de historische stads- of dorpskern van De Bilt gold een hoge archeologische verwachting voor vindplaatsen uit de Late Middeleeuwen en Nieuwe tijd. Verder blijkt uit het bureauonderzoek dat in het plangebied fundamenten van gebouwen uit onder meer de 17de en de 19de eeuw kunnen voorkomen. Het booronderzoek is uitgevoerd met een Edelmanboor met een diameter van 12 cm en een gutsboor met een diameter van 3 cm. Het opgehoorde materiaal is gezeefd met een zeef met een maaswijdte van 0,5 cm. In totaal zijn elf boringen verricht tot een diepte van maximaal 1,75 m onder het maaiveld. In vier boringen (gezet ten zuiden van de op de kadastrale minuut aangegeven locatie van de arbeiderswoninkjes) is ondoordringbaar puin aangetroffen. Dit hangt waar­schijnlijk samen met de huisjes uit de vroege 19de eeuw (of ouder) die tot 1983 op deze locatie hebben gestaan. Het kan zijn dat het losliggend puin van de ge­sloopte arbeiderswoninkjes betreft. Het is ook mogelijk dat er na 1832 nog meer huisjes zijn gebouwd achter de oorspronkelijke arbeiderswoninkjes en dat het om fundamenten in situ gaat. In de overige boringen is onder een humeuze laag met veel recent puin, plastic en glas het ongestoorde dekzand aangetroffen op een diepte variërend van 0,5 tot 1,5 m onder het maaiveld. In een boring is op 0,5 m beneden het maaiveld nog een restant van een B/C-horizont aangetroffen; in de overige boringen is direct onder de humeuze laag de C-horizont aangetroffen. Er waren duidelijke sporen van afgraving/ontgronding. Ondanks de verstoring van de bodem kunnen in het plangebied eventueel nog dieper ingegraven grond sporen aanwezig zijn. Gedacht kan worden aan vergelijkbare sporen als zijn aangetroffen tijdens de opgraving in de Burgemeester de Withstraat/hoek Tuinstraat.

Op basis van het historisch kaartmateriaal, het in de boringen aangetroffen ondoordringbare puin, de ligging van het plangebied in de historische stads- of dorpskern en de uit de directe omgeving bekende archeologische vondsten is aanbevolen om de geplande graafwerkzaamheden in een deel van het plangebied archeologisch te laten begeleiden.

Literatuur

C.N. Kruidhof, Plangebied Dorpsstraat en omgeving, gemeente De Bilt; een inventariserend archeologisch onderzoek, RAAP-notitie 193 (Amsterdam 2002)


De Bilt, signaleringen en vondstmeldingen

A. van Rooijen

M. de Graaf onderzocht in De Bilt, Blauwkapel de geschiedenis van Tienhuizen vanaf ca 1700 tot nu. In de fundering van acht huizen aan de Voordorpsedijk zitten hergebruikte 17de-eeuwse bakstenen, waarschijnlijk van de boerderij die er eerder stond. Dit bleek bij een waarneming in een sleuf voor de gevel en onder de tuinpaden. Schuin tegenover de Tienhuizen stond de oude boerderij 't Haentje, die ook staat op de waterstaatskaart van 1640.